zaterdag 27 juli 2019

Blauw ijs en witte wijn

De ochtend wandeling gaat naar de Svattifoss, precies weer een waterval. Vanaf de camping is het 45 minuten wandelen. Een pad dat omhoog gaat en soms te geciviliseerd is, leidt ons door het enige natuurlijke bos op IJsland. Bos is misschien een groot woord want de bomen blijven in dit harde klimaat vrij klein. Het aantrekkelijke van deze waterval is het decor waarin hij figureert, een halfrond keteldal van basaltpilaren.

Terug op de camping zijn wij in een mum van tijd rijklaar. Wij zijn nauwelijks op weg of de volgende gletsjertong komt in beeld. Een onverharde weg voert naar de Svinafellsjökull. Halverwege komen wij tot de conclusie dat wij ons vergist hebben in de afstand én in de staat van de weg die werkelijk erbarmelijk is. De keien en gaten zijn een marteling voor de bus én de inzittenden. Dus draaien wij om. 

Nu rijden wij nog in de zon maar dat gaat snel veranderen. Een laaghangende wolk schuift snel onze richting uit en even later rijden wij in de regen en de mist. Daardoor missen wij de afslag naar het eerste meer met gletsjerijs. Het grotere meer, Jökulserlón, is niet te missen. Na de brug meteen linksaf naar een enigszins chaotische parkeerplaats. Het regent en het zicht is slecht. De ijsbergen met tinten van transparant,  helblauw tot grijswit zijn ondanks de nevel of misschien wel dankzij, een bijna filmische enscenering. Een zeehond steekt zijn kop boven water. IJsbergen drijven onder de brug door naar zee. Wij zien af van een tochtje op het meer met een amfibievaartuig omdat het nauwelijks iets toevoegt aan hetgeen wij vanaf de kant al zien.


Met droog weer arriveren wij op de stadscamping in Höfn. Op de heuvel vinden wij een prachtige plek met rechts zicht op een soort wad met duizenden steltlopers en links de beijsde Vatnajökull met haar uitlopers in vorm van brede gletsjerbanen. De door An gemaakte zalmsalade vergezeld van een glas witte wijn bekroont deze mooie dag.























vrijdag 26 juli 2019

Regen

Op heel veel plaatsen is een wasplaats voor de auto. Gewoon je auto neerzetten en de natte borstel erover. Met een tijdelijk schone auto gaan wij op weg naar Kirkjubaejarklaustur. Het regent maar in het oosten is een streep zonlicht te zien die de ijskap van de Vatnajökull uitlicht.
De weg voert door een uitgestrekt lavaveld dat in 1783 is uitgevloeid. De lava is bedekt met mos, het eerste stadium van vegetatieontwikkeling. Een dergelijk landschap op deze schaal is uniek in de wereld. In het bezoekerscentrum zien wij een film over de uitbarstingen in 1783 en de desastreuze gevolgen voor mens en dier in de directe omgeving maar ook de doden in Europa ten gevolge van misoogsten.

De camping in deze plaats is mooi gelegen maar de de voorzieningen zien er dusdanig uit dat wij toch verder gaan. De weg naar Skaftafell voert door een gebied met talloze stromen die naar zee voeren. Voordat er een brug was kon je alleen met een speciaal voertuig deze wateren oversteken. Toen kwam er een brug die echter in 1996 wegspoelde na een vulkanische uitbarsting onder de 500m dikke ijskap waardoor een gletsjerdoorbraak ontstond. Er verzamelde zich heel veel water in het iets noordelijker gelegen vulkaanmeer Grimsvötn. Op 5 november was er zoveel water verzameld dat de druk van het water hoger was dan het ijs. Hierdoor ging het ijs drijven en het water vond een gat om uit te stromen. IJsblokken zo hoog als flatgebouwen (van zo’n 6 verdiepingen) en puin waaronder grote rotsblokken, kwamen met het water mee gespoeld. De bruggen en de afvoerdammen werden daardoor volledig vernield. Als herinnering staan er stukken verwrongen ijzer van de vernielde brug.

De camping in Skaftafell heeft een nieuw servicegebouw en mooie plekken om te staan. Als het even droog is lopen wij naar de gletscher. Halverwege begint het alweer te regenen. De gletscher kan niet echt benaderd worden omdat een waterstroom en een meertje met ijsbergen de verdere  doorgang blokkeert.


Met een regendag als vandaag zijn wij extra blij met ons bussie. Droog, warm en van alle comfort voorzien. De fietsers en wandelaars met hun kleine tentjes hebben het een stuk slechter.













donderdag 25 juli 2019

Een saaie dag

‘Waarom je neem je de telefoon mee naar de douche? Er kan toch niks gebeuren.” “Je weet maar nooit”. De douche accepteert alleen 4x50 ISK. Meer munten hebben wij ook niet dus samen in één douche. Deur op slot uitkleden. Maar de de muntjes moeten buiten de douche in de  ‘waterverschaffer’. Gaat de deur niet meer open! “Is daar iemand?” Niemand. Het raampje is te klein om door te kruipen. Wij kunnen bellen met de campingbaas. Na lang wrikken en duwen gaat de deur eindelijk open. Als wij het gebouwtje verlaten houdt An een losse deurkruk in de hand! Wat een sterke vrouw. 😊

Wij verwachten vandaag een saaie dag te gaan meemaken. Het begint al meteen goed. Weer een waterval, de Urridafoss. Er gaat hier geweldig veel water naar zee. Maar er zijn plannen om een stuwdam te bouwen. Daar zijn de meningen overigens erg over verdeeld hier op IJsland. De helft wil geld verdienen aan de natuurlijke bronnen en de andere helft wil vooral de natuur behouden en toegankelijk houden voor iedereen.

Even verder alweer een waterval, de Seljalandsfoss. Van grote hoogte stort het water naar beneden. Maar de sjeu is dat je achter het vallende water langs kunt lopen. An heeft zich gehuld in een gele regencape tegen het rondstuivende water.

Iets verder wéér een waterval, de Skogafoss. Dit is een model waterval. Een rechte kam waarover een strakke stroom naar beneden dendert. Van beneden kun je met een trap (527 treden) de bovenkant bereiken. We lopen allebei naar boven.

Even verder op de weg zie ik links een gletsjertong tussen de bergen. Laten wij gaan kijken. De Sólheimajökull is een  van de zeven gletsjers die van de berg Katla komt. Het is een fascinerend gezicht zo’n ijsmassa die als een gestolde rivier de berg afkomt. Maar wat is het ijs zwart van het lavazand! Ook hier is de opwarming van de aarde zichtbaar. De gletscher heeft zich in de afgelopen jaren zeker 400m teruggetrokken.

Op het zwarte strand van Vik scheppen wij wat zwart zand in een zakje. Dat is voor Warner die zand van over de hele wereld verzamelt. En zo eindigt deze ‘saaie dag’ op de camping in Vik.